donderdag 22 april 2010

Met de dood bedreigd

Als politieman of –vrouw word je voorbereid om op te kunnen treden in diverse situaties. Hierbij kan het gaan om een gesprekje op straat, opnemen van een aangifte, rustig toezicht houden op een braderie, et cetera. Bepaald niet uitgesloten zijn meer gewelddadige situaties. We hoeven ons nog maar de beelden van de voetrellen in Rotterdam of de strandrellen in Hoek van Holland voor de geest te halen en we weten dat agenten daar hebben gevochten voor hun leven. Ook een wandeling door de ‘tuin der bezinning’ bij School voor Politieleiderschap in Warnsveld laat zien dat veel politiemensen hun leven hebben gelaten tijdens het uitoefenen van hun functie.
Het is de vraag of je op dit soort extreme situaties voorbereid kunt zijn als gewone diender. Het komt regelmatig voor dat agenten in ‘gewone gewelddadige situaties’ terecht komen. Helaas leven we inmiddels in een maatschappij waarin we dat op deze manier formuleren. Nog veel vaker komt het voor dat agenten in andere emotionele stressvolle situatie belanden: een ernstig verkeersongeluk, huiselijk geweld, kinderporno, ……., en ga zo maar door.

Schouderklopje
Bij de politie is het inmiddels goed gebruik dat er aandacht is voor de medewerkers die met traumatische of zwaar emotionele gebeurtenissen hebben meegemaakt. Dit wordt verzorgd door de direct leidinggevende, een BedrijfsOpvangTeam (BOT) en/of specifiek hiervoor aangetrokken hulpverleners. De tijd is definitief voorbij dat de leidinggevende iemand op de schouder klopt en zegt: ‘kop op, niet meer aan denken, dan gaat het ’t snelste over’ of dat de situatie wordt weggelachen met een quasi grappige opmerking. Deze machocultuur heeft de politie inmiddels voor een belangrijk deel achter zich gelaten. Ook in de agentenwacht is er in dit soort situaties persoonlijke en warme aandacht van collega’s voor collega’s.

Geweld bij het OM
De associatie met geweld bij een arrondissementsrechtbank ligt op het eerste gezicht niet voor de hand. Natuurlijk worden de zaken die bij de politie terecht zijn gekomen door het OM vervolgd. Officieren worden hier natuurlijk, op enige afstand, ook mee geconfronteerd. Maar er is toch sprake van enige demping door het verschil in tijd en afstand. Bovendien past geweld ook niet zo bij de magistratelijke uitstraling.

Dit was ook mijn aanvankelijke beeld. Tot het moment dat je van dichtbij meemaakt dat officieren van justitie met de dood worden bedreigd. Niet via anonieme kogelbrieven of e-mails, maar door informatie uit het criminele milieu. De impact die dat heeft op de officier en zijn of haar gezin (met kleine kinderen) is enorm. Zonder op de details in te gaan, kan ik wel zeggen dat me deze ervaringen diep raken.

Wie is er voor de officier van justitie?
Officieren van justitie krijgen te maken met kinderporno, verkrachtingzaken, vreselijke geweldsdelicten, vreselijke beelden zien en verhalen horen. Verder maken ze ook schrijnende gezinssituatie van dichtbij mee en voeren ze slachtoffergesprekken. Hoe verwerken ze deze ervaringen?
Per officier zal dit natuurlijk enorm verschillen en natuurlijk vangen collega’s elkaar is bepaalde situaties op maar af en toe meen ik toch een soort magistratelijke flinkheid waar te nemen.
Het moeilijk vinden om over deze ervaringen te praten, een zekere angst als zwak te worden beoordeeld als je het hier moeilijk mee hebt en soort van norm dat dit er nu eenmaal bij hoort als je voor dit vak hebt gekozen.

Hoe sterk is de officier die vol passie zijn of haar zaak vertegenwoordigd in de rechtbank na afloop van deze zaak? De dader krijgt hopelijk zijn gerechte straf, het slachtoffer krijgt slachtofferhulp en wie is er voor de officier van justitie?

Henk Boland werkte als plaatsvervangend korpschef in Limburg Noord en heeft de overstap gemaakt naar het Openbaar Ministerie (parket Amsterdam). Hij deelt via dit blog zijn ervaringen van deze overstap en zijn eerste maanden bij een andere organisatie in de strafrechtketen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten